Het doel van deze richtlijn is dat het graafproces zorgvuldiger moet worden uitgevoerd, in die zin dat de kans op graafschade aan kabels en leidingen beperkt wordt. Dit gaat betekenen voorafgaande aan het graafwerk in voldoende mate ligginggegevens worden uitgewisseld. daarom vereist deze richtlijn dat da grondroerder het voornemen om graafwerkzaamheden uit te voeren meldt.  De netbeheerd levert de informatie aan over de ligging van kabels en leidingen. Deze informatie moet ook op de graaflocatie aanwezig zijn.

Wij zullen hier de belangrijkse punten op papier zetten. Wij raden aan dit boekwerk ter aller tijden te kopen.

Zorgvuldig graven beperkt zich niet tot het graven zelf maar omvat een proces van vijf fasen:

  1. Oriënteren en Voorbereiden : Opvragen en beooordelen van de gebiedsinformatie en daarop afstemmen
  2. Informatieoverdracht : Samenstellen en overdragen van informatie bij contracteren en beoorelen daarvan door de opdrachtnemende partij
  3. Voornemen verrichten van graafwerkzaamheden : Afstemmen en overdrachten van ontvangen informatie aan alle bij de verdere verloop van het proces betrokken partijen en op locatie zoeken van kabels en leidingen.
  4. Verrichten graafwerkzaamheden : Graven nabij de ligging van kabels en leidingen op de graaflocatie nadat de ligging is vastgesteld, alsmede het neme nvan maatregelen ingeval van schade aan netten op de graaflocatie.
  5. Verrichten nazorg graafwerkzaamheden : Aanvullen van het ongravingsprofiel in de nabijheid van kabels en leidingen.

Ongeacht de betrokken partijen moet altijd, voorafgaand aan het graven worden vastgesteld of er iets ligt. Blijkt dit het geval, dan wordt bepaald wat er ligt en door visuele waarneming ter plaatse opgezocht waar het ligt. Door deze werkwijze weet de grondroerder waarmij hij in de ondergrond te maken krijgt.